Bij Nimad loopt van alles tegelijk. Websites en webshops, online- én offline-marketing, contentplanning, het CRM dat bijgehouden wil worden, en zo nu en dan iets groots — de organisatie van een open dag. Ik ben daar de verbindende schakel: ik bouw, ik stuur aan, ik hou de lijntjes bij elkaar.
En in al dat bouwen zit één terugkerend knelpunt: input. Een site, een webshop, een campagne — het staat of valt met wat erin moet. Prijslijsten, afbeeldingen, planningen, levertijden, en vaak heel specifieke details. Die informatie zit in hoofden, in mailboxen, in mappen van een handvol mensen. Het verzamelen ervan kostte me telkens meer tijd dan het bouwen zelf.
Een collega-bouwer, Sepp Stokbroekx — met wie ik veel samenwerk — liet me zijn klantenportaal zien: een plek waar zijn opdrachtgevers de status van hun project konden volgen. Grappig genoeg was hij dat gaan bouwen op een tip van mij. En toen viel het kwartje. Niet “dit wil ik voor mezelf”, maar: dit is wat het cluster nodig heeft. Geen plek om mijn eigen projecten te bewonderen, maar een plek waar ik de input ophaal en iedereen activeer die eraan meewerkt.
Dus bouwde ik het.
Kijk eerst maar even
Dat zijn 72 seconden die ik onderaan dit stuk in twee prompts uit mijn terminal liet rollen — alles wat je erin ziet is bewust geanonimiseerd. Eerst het verhaal van het portaal zelf, daarna hoe die video tot stand kwam.
Het portaal: input ophalen en mensen activeren
Het is geen takenlijst en geen Trello-bord. Het is een echt portaal — met inlog, rechten, en twee niveaus van wat je mag zien. En het is gebouwd rond één vraag: hoe krijg ik de juiste input van de juiste persoon, op het juiste moment.
Per project iedereen activeren. Voor elk project staat het hele team binnen het concern klaar. Heb ik iets nodig — een prijslijst, een setje foto’s, een levertijd, een akkoord — dan tag ik de juiste persoon of stuur ik ’m rechtstreeks een bericht, gekoppeld aan het project. Geen losse appjes die verdwalen, geen mailwisseling die je later niet meer terugvindt.
Aanleveren in één scherm, inclusief spraak. Iets aanleveren of een vraag beantwoorden kan op één plek: kies het project, schrijf je toelichting, sleep de bestanden erbij, of spreek gewoon een kort bericht in. De input landt meteen bij het juiste project, klaar om te gebruiken.
Eén overzicht van alles wat loopt. Het dashboard opent met drie dingen: wat er voor jou klaarstaat, hoe het met de projecten gaat, en wat er nieuw is. De projectstatus is bewust simpel — een stoplichtje (groen, geel, grijs), de volgende concrete stap, en wie ervoor verantwoordelijk is. In één oogopslag zie je waar het hapert en waar het loopt.
Elk project kent zichzelf. Klik door en je ziet de volledige projectpagina: een hero met screenshot of video, de onderdelen (subprojecten), de status, de salespunten, de roadmap (wat eraan komt, wat al klaar is, en wat geblokkeerd zit), de laatste updates, en een plek voor reacties en bijdragen — tekst, foto, video of een spraakbericht.
Een roadmap die leeft. Per project staan de stappen op een tijdlijn met een duidelijke status: gepland, mee bezig, klaar of geblokkeerd. Geen losse to-do’s, maar het verhaal van het project — zodat iedereen op dezelfde pagina zit.
Alles veilig op één plek — en klaar voor overdracht. Alle belangrijke data van het cluster staat hier bij elkaar, achter een inlog en op databaseniveau afgeschermd. In combinatie met een apart safety-bestand is dat geheel direct klaar voor een overdracht: mocht mij iets overkomen, dan hoeft niemand te zoeken — het staat geordend en compleet klaar. Dat is geen bijzaak, dat is een ontwerpdoel.
En voor mij: uren en kosten. Er is een laag die alleen ik zie. Mijn uren per project en per categorie, mijn tarief, mijn saldo, en de API-kosten van AI-werk netjes uitgesplitst per dienst. Een medewerker kan die pagina niet openen — ook niet via een directe link. Dat is geen schermtruc; het zit afgedwongen in de database. Naast de uren is er een privé overlegkanaal, alleen zichtbaar voor eigenaren.
Licht én donker, telefoon én scherm. Het hele portaal is responsive en heeft een licht- en donker-thema. Of je nu op je laptop zit of onderweg op je telefoon iets aanlevert — het werkt.
De tech

Next.js 16 met React 19 en TypeScript. Supabase als database, met authenticatie, opslag en row-level security. Geen Tailwind maar mijn eigen design system — Houdoe — token-gebaseerd, warm-paper en deep-teal, pragmatisch Brabants, geen poespas. Magic-link login (inloggen zonder wachtwoord, dus niets om te vergeten of te lekken), server-side afgedwongen toegang, en twee gebruikersniveaus (medewerker en eigenaar) waarvan de scheiding op databaseniveau geldt. Het draait zelf-gehost, in Docker, op mijn eigen server.
Niets exotisch. Bekende, degelijke bouwstenen — precies wat je wilt voor iets dat jaren onopvallend moet blijven draaien, met gevoelige klantdata erin.
En toen maakte ik er een video van — met twee prompts

Een product is pas af als je het kunt laten zien. Maar dit portaal zit vol met precies de gegevens die niet naar buiten mogen: klantnamen, prijzen, planningen. Dus het belangrijkste wat ik wilde, was de zekerheid dat er geen enkel echt gegeven in de video kon belanden. En dat is meteen het gaafste aan dit hele verhaal: die anonimisering deed de skill volledig zelf.
Ik werk met Claude Code — een AI-agent in mijn terminal — en daar zit een eigen video-skill in die ik in de loop van de tijd heb opgebouwd: een draaiboek dat weet hoe je beeld genereert, schermen vastlegt, titels zet, muziek maakt en alles monteert tot iets dat “duur” voelt. Het allereerste wat die skill deed, was een volledig geanonimiseerde demo opzetten — een lokale kopie van de database met verzonnen klanten, projecten en namen. De live omgeving werd nooit aangeraakt. Pas in die veilige kopie legde de agent elk scherm vast. Zo kon ik met een gerust hart filmen wat normaal achter slot en grendel zit. Het hele filmpje is in feite uit twee prompts gerold.
Prompt 1 was simpel: “Maak een high-end promovideo van mijn projectportaal, met alle aspecten erin.” Wat daarna gebeurde, deed de agent grotendeels zelf:
- Hij las het hele platform uit en maakte een complete lijst van wat er te tonen was — elk scherm, elke functie.
- Hij zette die veilige, geanonimiseerde demo-omgeving op, zodat er gegarandeerd geen echte gegevens in beeld konden komen.
- Hij bestuurde zelf een browser om elk scherm in de echte interface vast te leggen — eerst breed voor de website-versie, later opnieuw in portret voor de mobiele versie.
- Hij genereerde de filmische beelden (het rommelige bureau van het begin, de rust aan het eind) in mijn eigen huisstijl, schreef de on-screen teksten als nette Houdoe-kaartjes met dat ene teal-gekleurde woord, en maakte de muziek — een rustige opbouwende track.
- En hij monteerde alles met zachte overgangen, een warme grade en de tekst op de beat, tot een master in 16:9 én een verticale versie voor social.
Onderweg stelde hij me een handvol korte keuzes voor — verhaallijn, lengte, wel of geen voice-over — telkens in een paar opties zodat ik binnen tien seconden kon kiezen. Geen eindeloos heen-en-weer. De rode draad die ik koos: chaos → keuze → systeem → rust. “Tien projecten. Één hoofd.” aan het begin, “Zelf gebouwd, zelf gebruikt.” aan het eind.
Prompt 2 was een correctie. De eerste verticale versie had hij gemaakt door het brede beeld te verkleinen — niet goed; dan zie je een gekrompen desktop in een balk. Eén zin van mij — “de 9:16 moet een echt portret-browserscherm zijn” — en hij legde alle schermen opnieuw vast in de mobiele layout en bouwde de verticale video opnieuw, nu randloos en scherp. Dat is de versie hieronder.
Dat was het. Twee prompts, een paar keuzes van tien seconden, en ik had twee afgemonteerde promovideo’s in mijn eigen huisstijl liggen — zonder dat er één gevoelig gegeven uitlekte. De totale externe kosten — wat AI-beeld en de muziekgeneratie — bleven onder de twee euro.
Waarom dit ertoe doet
Dit is geen trucje. Het is het bewijs van iets dat ik bij elk project opnieuw zie: met de gereedschappen van vandaag bouw je in dagen wat vroeger een heel team en een half jaar kostte — precies op maat van wat het werk nodig heeft. En je filmt het daarna ook nog zelf, in stijl, vanuit een paar zinnen, zonder dat er één gevoelig gegeven uitlekt.
Het portaal bouwde ik niet voor mezelf, maar om het cluster bij Nimad soepeler te laten lopen: de input op één plek, iedereen geactiveerd waar dat nodig is, en alles geordend en veilig — tot en met klaar voor een overdracht, mocht dat ooit aan de orde zijn. Dat is voor mij de kern van bouwen: niet de tools, maar precies dát maken wat de mensen om je heen verder helpt. Gereedschap, geen speelgoed.
In dezelfde lijn schreef ik eerder over waarom ik mijn eigen CRM bouwde, over mijn persoonlijke AI-assistent die gewoon thuis draait, en over een complete vechtgame in vijf avonden. Steeds hetzelfde patroon: bouwen wat er nodig is, met de gereedschappen van nu.
Voor de duidelijkheid: ik bouw dit niet als dienst en ik zoek geen nieuw klantenwerk. Ik werk exclusief voor de Metal Business Club, voor Nimad (ja, dat staat voor “Niks Meer Aan Doen” — een domeinnaam die ik ooit voor de grap registreerde) en aan mijn eigen projecten: games, ondernemenindekempen.nl en elementals.nl, zo nu en dan samen met vrienden en bekenden. Dit portaal is daar gewoon een voorbeeld van: ik bouw wat het werk nodig heeft.
Meer weten over hoe ik werk? Lees over mij.